‘Minachting voor het ambacht is minachting voor het lichamelijke. Contact tussen geest en materie doet iets ontstaan dat niet cerebraal bedacht kan worden.’ Daarbij streeft Marina van der Kooi naar eenvoud van vorm. Ook wanneer zij boetseert, doen haar vormen veelal steenachtig en gehakt aan - voor haar bronsafgietsels maakt ze soms de vorm voor de mallen dan ook van steen. Maar hoe strak en groot gehouden haar vormentaal is, daarbinnen springt meestal een wonderlijk fijn detail in het oog; een even gesuggereerd armpje, of plooitje.

 

Marina van der Kooi is geboren in 1951 in Amsterdam en is beeldhouwster sinds 1981. Ze is opgeleid aan Akademie Minerva Groningen en daarna aan de Rijksacademie te Amsterdam. Ze kreeg les van o.a. Paul Grégoire en Eric Claus. Van de eerste maakte diens bedachtzaamheid in zijn werk indruk, van de tweede de gedrevenheid en actie. Steenhouwen leerde zij bij Theresia van der Pandt. Opdrachten die Marina van der Kooi kreeg: 1980, gevelsteen Hudig; 1982 beeldje Filmprijs Cinewiets; 1984 Vrijheidsbeeld Marktplein gemeente Elst (Gelderland); 1991 Penning 50 jaar Electriciteitsbedrijf Zuid-Holland; 1992 beeld van lama voor SDU Tappanbeheer.Werk opgenomen in collecties van: Gemeente Amsterdam; VU Amsterdam; NMB Amsterdam; Wilhelmina Ziekenhuis, Assen; Electriciteitsbedrijf Zuid-Holland; Tandartsengroepspraktijk, Amsterdam; Amphion groepspraktijk, Laren; en van vele particulieren.Publikaties over Marina v.d. Kooi: J.N. van Wessem: in ‘De Beeldenaar’, 1990. Idem: in ‘De Beeldenaar’, 1992. Katalogus ‘Trompenburg’, 1992.

 

Kunstwerken